Per 1 mei 2026 worden de vergoedingsvoorwaarden voor tirzepatide uitgebreid. Dat heeft de minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport besloten naar aanleiding van een advies van het Zorginstituut Nederland (GVS-rapport, maart 2026). De aanpassing richt zich specifiek op patiënten met diabetes mellitus type 2 en een zeer hoog cardiovasculair risico.
Voorwaarden
Tot nu toe was tirzepatide binnen het Geneesmiddelenvergoedingssysteem (GVS) al beschikbaar voor geselecteerde patiëntgroepen met type 2 diabetes. Met de nieuwe regeling wordt de inzet verder uitgebreid naar een bredere groep patiënten met een verhoogd risico op cardiovasculaire complicaties.
Concreet komt tirzepatide vanaf 1 mei 2026 in aanmerking voor vergoeding:
• als toevoeging aan een SGLT2-remmer en metformine
• of, wanneer een SGLT2-remmer gecontra-indiceerd is, als toevoeging aan de standaardbehandeling
De uitbreiding geldt voor volwassen patiënten met diabetes mellitus type 2 die daarnaast een zeer hoog risico hebben op hart- en vaatziekten.
Doelgroep
De doelgroep wordt in lijn met de NHG-Standaard Diabetes mellitus type 2 afgebakend. Het gaat daarbij onder meer om:
• patiënten met reeds bestaande hart- en vaatziekten
• patiënten met chronische nierschade
Deze groepen hebben een verhoogde kans op cardiovasculaire events en behoren tot de patiënten bij wie intensivering van de behandeling vaak noodzakelijk is.
Praktische consequenties
De bijbehorende formulieren van Zorgverzekeraars Nederland (ZN) worden aangepast en zullen geactualiseerd beschikbaar worden gesteld. Zorgverleners zullen deze formulieren moeten gebruiken om voor vergoeding in aanmerking te komen.

